Join the Real Roots Café Mailing List
Oktober 2008

Chris Brecht, The Great Ride  (Dead Feaf Records)

Het gevaar bij debuutalbums is dat je de muzikale lat voor de betrokken artiesten zo hoog legt dat de opvolger daarvan altijd daarmee vergeleken zal worden. Het resultaat is dan vaak dat geluidsdrager nummertje twee meesstal tegenvalt bij critici. Luisteren, afstand nemen en nog eens luisteren en dan weer rustig achterover leunen en bedenken waarom je juist dit laatste wilt voorkomen, zo beleefde ik de eerste luisterbeurt van Chris Brecht’s bebuutalbum ‘The Great Ride’. Op het eerste oor indrukwekkend wat deze uit Boulder, Colorado afkomstige singer-songwriter laat horen. Brecht’s stemtechniek heeft echt iets weg van Bob Dylan. De nu vanuit Austin, Texas opererende songwriter, drogeert de liedjes met een alt country, folk en rock cocktail waarvan de gevolgen alles behalve verstijvend werken. Op Brecht’s website lees je dat de CD zich een weg baant tussen Bob Dylan’s meesterwerk uit 1965 ‘Highway 61 Revisited’ en Ryan Adams ‘Heartbreaker’ uit 2000. Ambitieus allemaal, maar hoe realistisch is dit? Gitarist Brad Rice mag dan wel verdienstelijk zijn muzikale bijdrage geleverd hebben op albums van Ryan Adams, The Pinetops en Son Volt maar het produceren van platen is toch echt een ander vak. Niet dat hij miskleunt of zo, maar ik hoor te veel aanknopingspunten. Gelukkig tempert Chris Brecht dit door een deel zelf te initiëren en dat hoor je. Dan ineens onverwachte wendingen in bijvoorbeeld ‘Everytime I Think Of Her’. Het geniale hoogtepunt op deze plaat vult de donkere ruimte en neemt afstand van “what’s already have been done”. Geen onvertogen woord dus over Chris Brecht’s debuutalbum The Great Ride. Louter en alleen maar een voorzichtige waarschuwing voor zelfoverschatting en te hoog gespannen verwachtingen van zijn toekomstige luisteraars. (Jan Janssen)

10-02
Next
Up
Previous